Naar aanleiding van het Morgen Beter-festival, het gratis gezinsfestival van cd&v, lanceert de partij de eerste aanzet van haar visie op lange termijn voor het kleuteronderwijs. De kwaliteit van ons kleuteronderwijs staat onder druk, en dat is niet de schuld van onze kleuterjuffen en –onderwijzers. Wel van de context waarin ze moeten werken. Om elk kind maximaal de kans te geven om zich te ontwikkelen, wil cd&v meer gediplomeerde kleuteronderwijzers en een kindratio in het kleuteronderwijs van tien kleuters per volwassene. Dat zal uiteraard niet van vandaag op morgen gebeuren: het gaat om een ambitieus doel dat stapsgewijs kan behaald worden op een termijn van 10 jaar.
Ons Vlaams kleuteronderwijs staat voor uitdagingen. De participatiegraad in het Vlaams kleuteronderwijs is bijzonder hoog, wat veel opportuniteiten geeft. Maar we slagen er niet in om die voor élke kleuter evengoed te grijpen. Recent bleek ook dat onze Vlaamse kleuters niet meer bovenaan de internationale ranglijsten staan.
Dat ligt niet aan onze kleuterleerkrachten. Vlaanderen heeft goed geschoolde en ervaren kleuterleerkrachten[1]. Het echte probleem zit elders: onze kleuterklassen zijn te groot en de ondersteuning schiet tekort. Uit onderzoek blijkt dat er in Vlaamse kleuterklassen gemiddeld meer kinderen per klas zitten dan in andere Europese landen. Wat het aantal begeleiders per kind betreft is de situatie simpelweg ondermaats: per kinderverzorger in de kleuterschool zijn er bij ons maar liefst 88 kleuters, tegenover een gemiddelde van 23 in andere landen. Grotere klasgroepen met te weinig begeleiding leiden tot slechtere leerprestaties. Bovendien geven Vlaamse kleuteronderwijzers in het TALIS-onderzoek aan dat een belangrijk deel van hun werkweek niet naar ‘direct contact met de kleuters’ gaat, maar naar administratieve overlast en praktische taken.
“Vandaag zijn er soms klassen met wel 30 kleuters voor één kleuterjuf of –onderwijzer. In die context is het onmogelijk goed werken voor een leerkracht. Terwijl de kleuterleerkracht alles op alles zet om de kleuters taal en vaardigheden bij te brengen, wordt ook van hen verwacht dat zij potjestraining geven, driftbuien trotseren, vragen van ouders beantwoorden, voldoende aandacht hebben voor leerlingen met zorgnoden of een andere thuistaal, noem maar op. We hebben extra handen én hoofden nodig in de klas. Er is immers een limiet aan wat menselijk en praktisch haalbaar is voor een leerkracht. Dat geldt ook voor de kleuter zélf. In de kinderopvang zitten peuters in kleine groepjes van maximaal 9 kindjes per begeleider. Bij de instappertjes in de onthaalklas op de leeftijd van amper 2,5 jaar bestaat die ratio plotseling niet meer en komen zij terecht in een klas van pakweg 25 kleuters, zeker op het einde van het schooljaar, als er veel instappers zijn. Dat grote verschil is nefast voor kleuters”, aldus Vlaams parlementslid en Onderwijsexperte Loes Vandromme.
Cd&v wil naar kleinere leergroepjes met meer onderwijzend en ondersteunend personeel in de kleuterklas: op termijn moet er voor elke 10 kleuters een gediplomeerde volwassene zijn. De kindratio in het kleuteronderwijs van tien kleuters per volwassene wil cd&v stapsgewijs halen enerzijds door kleuterleerkrachten beter te waarderen, anderzijds door een groot aantal extra profielen in te schakelen, waaronder onderwijsassistenten.
1. Tegen 2036 zou een 4.000tal extra profielen in het kleuteronderwijs werkzaam moeten zijn. De leerkracht blijft de regie behouden in de klas. Die extra ondersteuning kan zowel komen van kinderverzorgers, die vooral in de instapklas en eerste kleuterklas worden ingezet, als van onderwijsassistenten, die in alle kleuterklassen een rol opnemen. Scholen behouden daarbij de vrijheid om hun team zelf in te vullen, naargelang hun noden.
2. Vanaf het academiejaar 2027-2028 moet een opleiding onderwijsassistent aan onze hogescholen worden aangeboden (graduaatsopleiding). Ook het nodige beroepsprofiel moet deze legislatuur voorzien worden om deze mensen aan te werven in het kleuteronderwijs. Op die manier vervolledigen we ook de leerladder onderwijs: van graduaat tot de master basisonderwijs. Evident zorgen we dan ook dat masters in het basisonderwijs hun diploma ook effectief kunnen verzilveren in het basisonderwijs. Momenteel is daar echter nog veel onzekerheid over.
3. We herwaarderen de kleuteronderwijzer en de directeur kleuteronderwijs onder meer door scholen meer instrumenten te geven voor een eigen HR-beleid zodat er een marktconform verloningsbeleid kan gevoerd worden. Dat moet onderdeel uitmaken van het lerarenloopbaanpact.
4. We zorgen er voor dat leerkrachten toegang krijgen tot een aanvullend pensioen (tweede pijler). Dit is voorzien in het federale regeerakkoord en dient dit jaar mogelijk gemaakt te worden.
5. Verminder de regeldruk en planlast voor kleuterleerkrachten drastisch. De focus van leerkrachten moet opnieuw liggen op direct contact met kinderen.
6. In het kader van het lerarenloopbaanpact, moet werk worden gemaakt van een ‘blijf bij-bonus’, toegekend als een leerkrediet aan leraren en kleuteronderwijs die vijf jaar actief blijven in het Vlaams onderwijs.
Volgens de partij is dat op een termijn van tien jaar zeker haalbaar, maar dan moeten we wel vandaag al in actie schieten. De Vlaamse regering moet dit jaar nog werk maken van onder meer de opleidingen onderwijsassistent en van een nieuw lerarenloopbaanpact. Ook budgettair zou dit haalbaar moeten zijn: het gradueel opschalen van ons onderwijskorps over een periode van 10 jaar heeft een jaarlijkse bijkomende kost van telkens ongeveer 25 miljoen euro. Er zijn bovendien ook positieve langetermijneffecten van kleinere leergroepen in het basisonderwijs. Uit onderzoek blijkt dat kinderen uit kleinere klassen op latere leeftijd vaker afstudeerden, hogere cognitieve scores behaalden en op de arbeidsmarkt hogere lonen ontvingen. De economische baten zijn voldoende om de extra kosten - het aanwerven van meer leerkrachten - te verantwoorden.
Met dit plan geeft cd&v ook onmiddellijk aan hoe zij kijkt naar ons kleuteronderwijs. We mogen hogere verwachtingen durven koesteren voor elke kleuter. Een sterkere cognitieve ontwikkeling bij onze kleuters mag geen taboe zijn. De nieuwe minimumdoelen basisonderwijs helpen daarbij, maar we moeten onze leerkrachten de vrijheid en het vertrouwen geven om daar zelf verder invulling aan te geven. Dat kan enkel als we het lerarenkorps versterken en leerkrachten extra handen geven. Zo kunnen we bovendien de taal- en leerachterstand van kleuters versneld wegwerken (in het bijzonder wat betreft het Nederlands) door aan intensieve begeleiding te doen. Maar kunnen ook sterkere kleuters extra uitgedaagd worden. Excelleren is geen vies woord voor cd&v. Uiteindelijk zal zo het onderwijsniveau voor alle kleuters toenemen en maken we morgen beter.
“Onze eerste levensjaren zijn vormend voor de rest van ons leven. Dat geldt ook voor onze tijd in het kleuteronderwijs. Net daarom is investeren in jonge kinderen misschien wel de belangrijkste investering die we als samenleving kunnen doen. Tijd en aandacht geven aan de allerkleinsten levert niet alleen vandaag iets op, maar een leven lang. Als gezinspartij geloven wij dat elk kind recht heeft op nabijheid, zorg en kansen vanaf de eerste schooldag. Wie gezinnen echt wil ondersteunen, moet ook investeren in sterke kleuterklassen en een sterk lerarenkorps. Onze leerkrachten willen niet liever dan het beste bovenhalen in onze kinderen, we moeten hen daarbij helpen”, licht partijvoorzitter Sammy Mahdi toe.