In het Vlaams parlement vond op woensdag 6 november een actualiteitsdebat plaats over ‘een taaltest voor kleuters’.  Directe aanleiding daarvoor was een aantal uitspraken in de media van minister van Onderwijs Ben Weyts die voor onduidelijkheid hadden gezorgd. Onder meer was de indruk ontstaan dat het nieuwe Vlaamse regeerakkoord zou inhouden dat er op het einde van de derde kleuterklas een taaltest zou worden georganiseerd. 

 

Namens onze fractie nam Loes het woord: “CD&V past voor een test die als resultaat enkel ‘geslaagd’ of ‘niet geslaagd’ kan hebben.  Screening, inzichten en ervaring van schoolteams leiden tot een taaltraject op maat.  Taaltrajecten faciliteren de instroom in het lager onderwijs en zullen op geen enkele manier voor nieuwe drempels zorgen.”

De indruk was gewekt dat het nieuwe Vlaamse regeerakkoord zou inhouden dat er op het einde van de derde kleuterklas een taaltest wordt georganiseerd. Een taaltest die er toe kan leiden dat de Vlaamse overheid kleuters zou verplichten om een taalbad van één schooljaar te volgen, dat bovendien de toegang tot het lager onderwijs met een jaar zou uitstellen. In het debat maakte Vlaams volksvertegenwoordiger Loes Vandromme duidelijk dat die indruk niet overeenstemt met de plannen in het recente Vlaams regeerakkoord. 

Daarin staat namelijk dat alle vijf-/zesjarigen een uniforme taalscreening Nederlands krijgen.  Verder zegt het regeerakkoord dat de kleuterschool een ‘actief taaltintegratietraject’ zal uitwerken als die taalscreening erop wijst dat een kleuter het Nederlands onvoldoende beheerst. Loes maakte duidelijk dat een goede beheersing van het Nederlands essentieel is in onze samenleving. Niet alleen om het goed te doen op school, maar ook om sterk te staan, in de samenleving en op de arbeidsmarkt.  En meer specifiek gaf ze aan dat de voorziene screening best bij het begin van het schooljaar zou plaats vinden, om zo de mogelijkheden ervan ten volle te benutten.

 

Nederlands op maat van de kleuter

Verder benadrukte ze dat het beoogde taaltraject voor kleuters die het moeilijk hebben met Nederlands, er alleen één op maat van de individuele kleuter kan zijn.  Een taaltraject ook dat niet alleen vorm krijgt op basis van de bevindingen van de screening maar zeker ook vanuit de visie en ervaring van de ‘experten ter plaatse’, de kleuteronderwijzers en hun schoolteams.  De keuze die gemaakt wordt, is als vanzelfsprekend ook afhankelijk van de context van de klas en de school, maar ook van de specifieke achtergrond van de kleuter.

Een taalbadklas – dat van diverse duur kan zijn, maar best zo kort mogelijk - is dan één van de mogelijkheden om taalachterstand aan te pakken. Het schoolteam, dat we als overheid bijkomend zullen ondersteunen, zal hierbij vrij kunnen beslissen welke maatregelen ze nemen in het belang van de leerling. 

Het filmpje met mijn tussenkomst in het actuadebat vind je hier. 

Welkom bij CD&V. Onze websites maken gebruik van cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren. Lees onze Cookies Policy voor meer informatie. Ons cookiebeleid en deze voorkeuren gelden voor alle CD&V-websites. Door op 'Akkoord' te klikken, ga je akkoord met de geselecteerde cookies.