Deze week kwam het Overlegcomité vervroegd samen om zich onder meer te buigen over het veiliger organiseren van onze samenleving nu de coronacijfers opnieuw de hoogte ingaan. Het is duidelijk dat ook in onderwijs er een aantal acties ondernomen zullen moeten worden.

In het verleden werd er al actie ondernomen om de luchtkwaliteit in de scholen te verbeteren en zijn er budgetten voorzien om ventilatiesystemen te installeren. Uit cijfers blijkt echter dat die budgetten niet benut of onderbenut zijn. 

Volgens Vlaams parlementslid Loes Vandromme (CD&V) is in het onderwijs het verplicht invoeren van CO2-meters slechts een eerste stap om te gaan naar waar het écht om draait: goed geventileerde klaslokalen. Een CO2-meter is als een ‘kanarie in een koolmijn’, dat aangeeft dat er iets fouts is, maar daarmee is het probleem nog niet opgelost. Vandaar stelt het parlementslid voor om de budgetten voorzien voor ventilatie die nu niet benut  worden, in te zetten voor de aankoop van apparatuur (zoals luchtreinigers) die veel minder ingrijpende werken vergen dan de eerder traditionele ventilatiesystemen.

 

“Ventilatie in het klaslokaal is het probleem effectief aanpakken en dat draagt onze voorkeur weg, meer dan bijvoorbeeld het dragen van mondmaskers door kinderen te verplichten. Een CO2-meter plaatsen is één ding maar daarmee los je het probleem ook niet op. We moeten de schoolinfrastructuur aanpassen zodat de luchtcirculatie in klassen verbetert. Hiervoor zijn recent middelen vrijgemaakt door de Vlaamse regering maar het probleem hierbij is dat veel scholen niet weten hoe ze hieraan moeten beginnen. Het gaat vaak om té grote aanpassingen voor scholen, soms hele verbouwingen. Resultaat? Veel middelen worden nu niet opgebruikt,” legt Vandromme uit. Van  januari 2020 tot september 2021 – toch een lange periode –  zijn er welgeteld  maar twaalf aanvragen voor de installatie van  ventilatiesystemen goedgekeurd.

“Laat ons de middelen die nu niet gebruikt worden inzetten voor het gebruik van meer ventilatie-apparatuur zodat ingrijpende aanpassingen niet meteen nodig zijn.” Zo gaf professor bouwfysica aan KULeuven Bert Blocken aan dat een ‘huiskamertoestel’, dat je dus gewoon kan plaatsen zonder grote aanpassingswerken, al in ontwikkeling zijn. “Laat ons nu volop hiernaar kijken, middelen investeren in de verdere ontwikkeling hiervan en zo snel mogelijk werk maken van goed geventileerde klaslokalen voor alle leerlingen,” besluit Vandromme.