Uit nieuwe cijfers die Vlaams Parlementslid en onderwijsexperte Loes Vandromme (cd&v) analyseerde, blijkt dat in het schooljaar 2023-2024 een groot aantal leerlingen heel vaak afwezig was wegens ziekte. In totaal gaat het om welgeteld 76.679 leerlingen uit het basis- en secundair onderwijs die 30 halve dagen of meer afwezig waren om medische redenen. De coronacrisis leidde een drastische stijging van het aantal kinderen dat vaak ziek is, in. De cijfers namen vanaf schooljaar 2020-2021 een hoge vlucht en een terugkeer naar het niveau van voor de coronacrisis lijkt niet in zicht.
“Cijfers én een evolutie die tot nadenken stemmen”, zegt Vandromme. “Mijn zorg is om het leerrecht van deze kinderen te blijven vrijwaren. Er zijn op vandaag verschillende mogelijkheden om les te volgen voor langdurig zieke kinderen, maar vaak zijn ouders en scholen niet goed op de hoogte van de mogelijkheden, kunnen ze moeilijk inschatten wat de beste methode voor hun kind is of zien ze op tegen het administratieve kluwen.” Het parlementslid pleit er voor om het aanbod transparanter en eenvoudiger te maken. ”Ook een (regionale) coördinatie tussen alle organisaties met een onderwijsaanbod voor zieke leerlingen zou voor scholen én ouders een grote hulp zijn”, zegt Vandromme.
Stabilisatie na piekjaren, maar geen terugkeer naar pre-coronacijfers
De pandemie lijkt de cijfers van het aantal kinderen dat vaak afwezig is wegens ziekte een flinke opstoot gegeven te hebben. Vóór corona was er sprake van 1.9% van de leerlingen in het gewoon basisonderwijs en 10% van de leerlingen in het buitengewoon onderwijs, of samen 11.147 leerlingen, die 30 dagen of langer afwezig waren wegens ziekte. Maar vijf jaar later klokte men af op 3.6% in het gewoon en 14.9% in het buitengewoon basisonderwijs, goed voor 19.861 leerlingen. De laatste jaren lijkt die stijging wat af te vlakken maar er is geen sprake van een terugkeer naar de pre-coronaperiode.
In het secundair onderwijs liggen de cijfers nog veel hoger. Vóór corona waren 7.2% van alle leerlingen in het gewoon secundair onderwijs en 21.2% in het buitengewoon onderwijs heel vaak ziek, in totaal 36.205 leerlingen. In 2023-2024 was dat percentage al gestegen tot respectievelijk 10.4% en 27.5% of samen 56.818 leerlingen.
“Opvallend bij deze cijfers is dat het percentage ziekteverzuim in het buitengewoon onderwijs beduidend hoger ligt”, zegt Loes Vandromme. “In het buitengewoon secundair onderwijs gaat het over meer dan 1 op 4 leerlingen die 30 of meer halve dagen per schooljaar ziek zijn. Daar moeten we extra aandacht voor hebben”, vindt het parlementslid.
Onderwijsmogelijkheden voor zieke kinderen
“Langdurige of regelmatige afwezigheid op school heeft niet alleen een grote impact op het leerproces, maar ook op het welzijn van leerlingen. Extra ondersteuning en een goede samenwerking met ouders en zorgverleners blijven essentieel.” Ondertussen zijn er in Vlaanderen verschillende onderwijsmogelijkheden voor zieke kinderen. Er is het Synchroon Internetonderwijs beter gekend als Bednet, het Tijdelijk Onderwijs aan Huis (TOAH), School& Ziek zijn, enz. Maar het blijft voor alle partners: scholen, ouders, leerkrachten en leerlingen vaak moeilijk om door het bos de bomen te zien, zeker in een vaak stresserende periode waarbij de focus in de eerste plaats ligt op het genezingsproces."
“In november 2023 werd een wetenschappelijk onderzoek opgeleverd over maatregelen voor onderwijs aan zieke kinderen,” weet Vandromme. “Dat onderzoek bevatte onder meer aanbevelingen om het aanbod van maatregelen transparanter en eenvoudiger te maken. In West-Vlaanderen was het project Klasziekaal dat het aanbod coördineerde en hulp op maat kon bieden, zeer succesvol. Maar de vorige minister van onderwijs nam weinig initiatief om met deze aanbevelingen en goede praktijken aan de slag te gaan. Nochtans tonen deze cijfers aan dat we steeds meer leerlingen dreigen in de steek laten, als we niet extra zouden inzetten op het garanderen van het leerrecht van deze leerlingen.”