Opstart complex project N8 is niet wat stakeholders vragen

Publicatiedatum

Auteur

Loes Vandromme

Deel dit artikel

Vrijdag besliste de Vlaamse Regering om een complex project op te starten voor de optimalisatie van de verbinding Ieper-Veurne. De eigenlijke focus is het verbeteren van de verkeersveiligheid en leefbaarheid in de zogenaamde “zone 4” (vanaf de kruising van de N8 met de Kruisboomstraat in Vleteren zuidwaarts tot en met het kruispunt N38/N8).

Vlaams parlementsleden Martine Fournier en Loes Vandromme (cd&v) missen in deze beslissing duidelijkheid en visie: ‘In het huidige voorstel wordt het complex project opgestart, maar er is geen timing of budget. Het bindt met andere woorden nog niemand.’ Het meest opmerkelijke is bovendien dat het complex project blijft handelen over de N8 en niet over de mobiliteit in de Westhoek in het algemeen. Dat laatste was nochtans de duidelijke wens van alle stakeholders.

 

Even terug in de tijd: in 2017-2018 werd door minister Weyts een participatietraject opgestart en dat mondde uit in een brede consensus rond een leefbare N8. Begin 2020 vroeg de burgemeester van Ieper aan haar partijgenote Lydia Peeters om het scenario van de doortrekking van de A19 toch nog eens te onderzoeken. Cd&v was toen al kritisch, omdat het praktisch niet meer mogelijk is om de A19 door te trekken. Het volledige proces werd toch maar eens overgedaan maar nu met meer stakeholders.

 

Het resultaat van de bevraging is dan ook duidelijk: de A19 doortrekken is niet meer mogelijk. Maar vernieuwend was wel dat in de conclusie geopperd werd om de weg Ieper - Poperinge (N38) en de verbinding Ieper – Diksmuide (N369) te versterken of aan te passen waar mogelijk. De vervoersregio herhaalde deze vraag aan de minister. In de startnota lezen we nu: ‘Bij de uitwerking van de mogelijke scenario’s wordt bijzondere aandacht gegeven aan de aansluiting met de N38 en de relatie met de N369. Indien aanpassingen nodig zijn aan de in het GRUP vooropgestelde kruispuntinrichtingen op de N38, kunnen deze meegenomen worden.’ ‘Het blijft dus allemaal voorwaardelijk en dat merken we omdat de algemene mobiliteit op die wegen niet meegenomen wordt. Ook de betrokken gemeenten (Diksmuide, Poperinge en Houthulst) niet meegenomen in het verder proces,’ weten de parlementsleden.

 

Voor Vandromme en Fournier is het duidelijk dat de voorbije studie vooral veel tijd en geld gekost heeft en dat het dossier na één legislatuur nog geen stap verder staat. ‘Er konden sterkere keuzes gemaakt worden en dit complex project is dan ook een gemiste kans voor de Westhoek,’ besluiten de parlementsleden.

Nieuws

Zonnepanelen van scholen geplaatst met overheidssubsidies tellen niet mee voor nieuwe PV-verplichting

Vanaf april 2026 zijn alle gebouwen met een groot elektriciteitsverbruik, waaronder heel wat schoolgebouwen, verplicht om zonnepanelen te plaatsen, de zogenaamde PV-verplichting. Opvallend: scholen die eerder zonnepanelen plaatsten met AGION-subsidies (het Agentschap voor Infrastructuur in het onderwijs dat over subsidies voor scholenbouw gaat) voldoen niet aan die nieuwe PV-verplichting. “Pure kafka”, vindt cd&v. Vlaams parlementslid Loes Vandromme vraagt om bij de nieuwe verplichting rekening te houden met al bestaande zonnepaneelinstallaties. “Laat scholen zich bezighouden met hun kerntaak, kwaliteitsvolle lessen geven. Zij kunnen bijkomende administratieve kopzorgen missen als kiespijn.”

Bijsturing in financiering voor onderwijsinternaten na aandringen door cd&v

De Vlaamse onderwijsinternaten krijgen vanaf volgend schooljaar een betere financiering. Op donderdag 4 december keurde de commissie Onderwijs een wijziging op het decreet onderwijsinternaten goed. “Dit is een noodzakelijke stap om internaten leefbaar te houden en hun toenemende verantwoordelijkheid te erkennen,” zegt Vlaams Parlementslid Loes Vandromme (cd&v).

Reactie op consultatienota 'Scholen voor iedereen'

Cd&v is tevreden met het plan dat op tafel ligt. De partij pleitte al langer voor een langetermijnvisie over een nauwere samenwerking tussen het gewoon en het buitengewoon onderwijs. “Vandaag worden te veel kinderen doorgestuurd naar het buitengewoon onderwijs en zien we dat de thuissituatie vaak bepalend is of een kind wordt doorgestuurd, eerder dan de echte noden van een kind. Mits de juiste ondersteuning en omkadering is het voor veel van die kinderen wel mogelijk om les te volgen op een gewone school. Door het buitengewoon onderwijs te organiseren op dezelfde campus kan expertise gedeeld worden en vermijden we dat er een kloof ontstaat. Bovendien kan een kind met extra noden zo ook in de eigen buurt naar school en hoeft het geen uren op een bus te zitten om op school te geraken”, stelt Loes Vandromme, Vlaams parlementslid voor cd&v.