Sterke verhoging van startquota voor opleiding van arts en tandarts

Publicatiedatum

Auteur

Loes Vandromme

Deel dit artikel

Vanmorgen besliste de Vlaamse Regering over het startquotum voor de opleiding van arts en tandarts.

Voor geneeskunde stijgt het quotum van 1153 naar 1276. Voor tandheelkunde gaat dit van 147 naar 180. Veel meer jonge mensen kunnen zo dus hun studie naar keuze toch aanvatten.

Zoals dat elk jaar gebeurt, buigt de Vlaamse Regering zich over de aantallen die zullen gelden in het kader van de numerus fixus van de toelatingsproeven geneeskunde en tandheelkunde die het volgende jaar worden georganiseerd. Men heeft daarbij iedere keer de mogelijkheid om de berekening, zoals die decretaal bepaald is, bij te sturen. De Vlaamse Regering maakt nu gebruik van deze mogelijkheid door de startquota gevoelig te verhogen.

 

‘Deze verhoging komt alvast tegemoet aan een reële nood in Vlaanderen. We behouden uiteraard het systeem van de numerus fixus voor de startende studenten, maar het maximum wordt gevoelig opgetrokken zodat meer jongeren kunnen starten met de studie van hun keuze’, stellen de onderwijscommissarissen voor CD&V Loes Vandromme, Jo Brouns, Katrien Schryvers en Brecht Warnez.

‘Anderzijds moeten we uiteraard voorkomen dat jongeren die afstuderen hun beroep niet zouden kunnen uitoefenen omwille van een tekort aan Riziv-nummers. Deze vrees is ongegrond omdat er voor Vlaanderen nog aanzuivering mogelijk is van een reeks niet opgenomen Riziv-nummers,‘ zo luidt het.

 

In een decreet dat het Vlaams Parlement ondertussen al goedkeurde, wordt bepaald dat een Vlaamse planningscommissie wordt opgericht. Verwacht wordt dat deze planningscommissie,  snel van start zal kunnen gaan en de Vlaamse zorgnoden verder kan preciseren. Dit is trouwens ook een maatregel die in het Vlaams regeerakkoord vastgelegd werd.

Nieuws

Stad Poperinge investeert fors in cultuureducatie voor scholen via 'Expeditie Cultuur'

Elk schooljaar zet de stad Poperinge zowel organisatorisch als financieel sterk in op cultuureducatie voor kinderen en jongeren. Verschillende stadsdiensten, van cultuur en bibliotheek tot erfgoed en de kunstacademie bieden scholen een breed en kwaliteitsvol aanbod aan workshops, voorstellingen en creatieve activiteiten aan. Het cultuureducatieve aanbod dat de stad voor de scholen voorziet, wordt voortaan gebundeld onder de noemer ‘Expeditie Cultuur’.

Schooldirecties steeds moeilijker te vinden: weinig ondersteuning en zwaar takenpakket

Bij het begin van het schooljaar zal niet aan elke schoolpoort een schooldirecteur staan. Uit cijfers van VDAB blijkt de arbeidsmarkt voor schooldirecteurs bijzonder krap: in het voorbije jaar ontving de Vlaamse arbeidsbemiddelaar tot 690 vacatures voor leidinggevenden in een onderwijsinstelling. Eind augustus 2026 stonden daarvan nog 34 vacatures open. Uit een bevraging van cd&v bij scholen in heel Vlaanderen blijkt bovendien dat er iets schort: directeurs dragen een bijzonder zwaar takenpakket met beperkte ondersteuning. “Het is onverantwoord dat zo veel scholen moeten starten zonder (ervaren) directeur. In combinatie met een lerarentekort is dat een directe bedreiging voor de onderwijskwaliteit in Vlaanderen. Het is hoog tijd om de afspraken uit het regeerakkoord en eerdere cao’s effectief uit te voeren,” zegt Vlaams parlementslid en onderwijsexperte Loes Vandromme, die de bevraging organiseerde.

Vrouwelijke bedrijfsleiders aan het stuur van 1 op 5 Vlaamse landbouwbedrijven

Het aandeel vrouwelijke bedrijfsleiders in de Vlaamse land- en tuinbouwsector blijft stijgen. In 2025 telde Vlaanderen 6.763 vrouwelijke zaakvoerders, goed voor 22.1% van alle Vlaamse landbouwbedrijfsleiders. Twee jaar eerder, in 2023, was dat nog 20%. In onze provincie gaat het over 2.248 vrouwelijke ondernemers of 22.2% van het totaal aantal landbouwbedrijfsleiders in West-Vlaanderen. Twee jaar geleden was dat nog 20%. Vlaams Parlementslid Loes Vandromme (cd&v) ziet een duidelijke tendens: “Vrouwelijk ondernemerschap in de landbouw gaat duidelijk in stijgende lijn en dat komt de hele sector ten goede. Vrouwelijke ondernemers pakken de bedrijfsvoering vaak net iets anders aan dan hun mannelijke collega’s en hebben oog voor zaken die anders misschien onderbelicht blijven.”