Poperinge zet welzijn breed in de kijker
Gedurende oktober zetten we in Poperinge het belang van goede geestelijke gezondheid in de kijker. Dit jaar staat Samen Veerkrachtig in het teken van omgaan met moeilijke perioden.
Sinds de start van de coronacrisis, vinden steeds meer Vlamingen de weg rechtstreeks naar de boer. Die boost van de korte-keten-economie is nu ook op te merken in het stijgende aantal aanvragen voor hoevewinkels. Tijdens de eerste drie kwartalen van 2020 werden al 121 aanvragen voor hoevewinkels gedaan, ten opzichte van 83 aanvragen in heel 2019. In West-Vlaanderen, waar het aantal aanvragen in de voorbije jaren ook al hoger lag dan in andere provincies, noteerde men 51 aanvragen in de voorbije 3 kwartalen van 2020. Daarmee spant onze provincie de kroon. In totaal waren er 30 aanvragen in 2018 en 41 in 2019. “Dankzij die korte keten raken mensen zich meer bewust van waar ons eten vandaan komt” zegt Vlaams parlementslid Loes Vandromme, die de cijfers opvroeg.
De korte-keten-economie kreeg een boost sinds de start van de coronacrisis. Die boost van het kopen rechtstreeks bij de boer is nu ook op te merken in het stijgende aantal aanvragen voor hoevewinkels. Via het Vlaams Landbouw- en Investeringsfonds (VLIF) kunnen landbouwers investeringssteun aanvragen voor het installeren en inrichten van hoevewinkels. Voor 2020 werden al 121 nieuwe aanvragen gedaan voor het installeren en inrichten van hoevewinkels. “En die cijfers omvatten de eerste drie kwartalen, het cijfer voor 2020 zal dus nog een pak hoger liggen”, zegt Vlaams parlementslid Loes Vandromme, die de cijfers opvroeg. Het VLIF trekt hier in totaal 1.073.844 euro aan investeringssteun voor uit. Dat het om een serieuze stijging gaat, blijkt uit de cijfers van eerdere jaren: in 2018 waren er 75 aanvragen voor in totaal 816.216 euro, in 2019 noteerde men 83 aanvragen over het hele jaar. Er werd toen 891.516 euro uitbetaald.
Nabijheid
“We kennen landbouwers als heel ondernemende mensen. De stijgende vraag naar korte-keten-producten vertaalde zich naar nieuwe ondernemingsvormen bij landbouwers” zegt Vlaams parlementslid Loes Vandromme. “Een gelijkaardige trend zien we ook bij onze noorderburen, waar de helft van de Nederlandse landbouwbedrijven hun inkomsten uit de pure landbouwactiviteiten combineren met verbredingsactiviteiten, zo schreef VILT eerder deze week.” Het parlementslid vindt het stijgende aantal hoevewinkels een positieve evolutie in twee richtingen. “Een boost voor onze lokale landbouwers, maar ook voor de consument, die de voordelen van het kopen van lokale, kraakverse en lekkere producten (her)ontdekt zo. Wat we eten, vanwaar het komt en wie daarvoor betaald wordt, bepaalt de wereld waarin we leven, de landschappen waarnaar we kijken en hoe onze landbouwsector eruit ziet. Als consument hebben we meer invloed met onze vork dan we denken.”
Gedurende oktober zetten we in Poperinge het belang van goede geestelijke gezondheid in de kijker. Dit jaar staat Samen Veerkrachtig in het teken van omgaan met moeilijke perioden.
Na een eerste bijzonder jaar vol troostvolle initiatieven werd ook dit jaar verder gebouwd op wat in 2025 ontstond, toen Poperinge het label van Reveil Troostgemeente behaalde. Een enthousiaste groep inwoners gaf samen met stad Poperinge vorm aan het troostprogramma. Het resultaat is een gevarieerd aanbod van activiteiten en acties die ruimte maken voor herinnering, ontmoeting, verbinding en troost.
Het nieuwe schooljaar loopt al enkele weken. Leerkrachten, directies en leerlingen hebben ondertussen al volop de draad weer opgepikt. Ook een goede 250 busbegeleiders engageren zich opnieuw om kwetsbare leerlingen veilig van en naar school te begeleiden. Maar velen van hen kijken met een bang hart naar de toekomst. “Busbegeleiders vervullen een essentiële taak voor leerlingen die niet zelfstandig naar school kunnen,” weet Vlaams Parlementslid Loes Vandromme (cd&v). “Maar hun statuut is weinig aantrekkelijk, de uurroosters zijn vaak moeilijk combineerbaar met een andere job en het is voor velen bijzonder moeilijk om voldoende bijkomende uren te vinden om minstens halftijds aan de slag te kunnen. Hetzelfde verhaal horen we trouwens bij begeleiders in de voor- en naschoolse opvang of bij personeel dat ’s middags toezicht houdt in de refter of op de speelplaats.” Vandromme roept de minister van onderwijs op om ook voor deze onmisbare schakels in ons onderwijssysteem de nodige zekerheid te bieden en de bekommernissen mee te nemen bij het uitwerken van het lerarenloopbaanpact.”