Scholen kunnen aan de slag met geactualiseerde minimumdoelen 1ste graad en 7de jaar BSO hoger onderwijs

Publicatiedatum

Auteur

Loes Vandromme

Deel dit artikel

Er is een akkoord over de nieuwe minimumdoelen voor de 1ste graad secundair onderwijs en het 7de leerjaar BSO gericht op hoger onderwijs. Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts, de onderwijspartners en de valideringscommissie vonden bij de opmaak van nieuwe minimumdoelen voor de 2de en 3de graad een nieuwe consensus, die ze ook wilden doortrekken naar de rest van het leerplichtonderwijs. Meer soberheid wordt gecombineerd met meer focus én een hoge onderwijskwaliteit. Inhoudelijk wordt de klemtoon gelegd op de meest prioritaire kennis: Nederlands, talen en wiskunde-wetenschappen, waarbij alle sleutelcompetenties uiteraard aan bod blijven komen.

 

De Vlaamse volksvertegenwoordigers Koen Daniëls (N-VA), Loes Vandromme (CD&V) en Jean-Jacques De Gucht (Open VLD) dienen de nieuwe minimumdoelen voor de 1ste graad en het 7de jaar BSO gericht op hoger onderwijs nu in bij het Vlaams Parlement. Dit betekent ook dat de onderwijsverstrekkers hun voorlopige, aangepaste leerplannen nog voor de paasvakantie kunnen bezorgen aan de scholen. Zo hebben directies, leerkrachten en educatieve uitgeverijen de nodige houvast om volgend schooljaar voor te bereiden. “Het is opnieuw gelukt om op relatief korte tijd en in een complexe context een ambitieus akkoord te smeden”, zegt Weyts. “We maken duidelijke keuzes voor Nederlands, talen en wiskunde-wetenschappen en voor het hoger leggen van de lat”.

Het Grondwettelijk Hof vernietigde in juni 2022 de nieuwe, goedgekeurde eindtermen voor de 2de en 3de graad secundair: tegen 2025 moesten er nieuwe komen. Dat was een moeilijk moment, maar Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts en parlementsleden Daniëls, Vandromme en De Gucht wilden het dossier niet doorschuiven naar de volgende legislatuur. Er werd een nieuwe consensus gevonden: meer soberheid combineren met meer focus. Er kwamen nieuwe minimumdoelen voor de 2de en 3de graad secundair onderwijs en in juli 2023 sloot Weyts een akkoord met de onderwijspartners om de nieuwe consensus ook door te trekken naar de rest van het leerplichtonderwijs, te beginnen met de 1ste graad secundair en het 7de leerjaar BSO gericht op het hoger onderwijs. Het is natuurlijk essentieel dat de onderwijsdoelen van de 1ste graad goed aansluiten op de nieuwe minimumdoelen in de 2de en 3de graad secundair.

 

Er is nu een akkoord over de nieuwe minimumdoelen voor de 1ste graad secundair onderwijs en het 7de leerjaar gericht op hoger onderwijs. De ontwikkelcommissies hebben op relatief korte tijd een titanenwerk verricht. Vervolgens werden de nieuwe minimumdoelen ook gevalideerd door een valideringscommissie onder leiding van onderwijsexpert Luc De Man. Er is gekozen voor  kwaliteit, eerder dan kwantiteit. Er waren 180 eindtermen voor de A-stroom en 152 voor de B-stroom en er komen nu 114 minimumdoelen voor de A-stroom en 88 minimumdoelen voor de B-stroom. Het is echter niet het aantal doelen dat telt, wel hoe hoog de lat wordt gelegd. Vooral herhalingen, gedetailleerde beschrijvingen en voorbeelden werden geschrapt. Grotere soberheid werd bovendien gekoppeld aan grotere focus.  Inhoudelijk wordt de klemtoon gelegd op de meest prioritaire kennis: Nederlands, talen en wiskunde-wetenschappen, waarbij alle sleutelcompetenties uiteraard aan bod blijven komen.

De ambitie blijkt ook uit het feit dat de vroegere ‘eindtermen’ nu minimumdoelen geworden zijn: scholen worden gestimuleerd om bovenop die minimumdoelen nog veel verder te gaan. ‘Eindtermen’ werd vaak begrepen als een soort eindhalte voor het onderwijs.

In de eerste graad zijn er ook minimumdoelen aangeduid als basisgeletterdheid voor de onderdelen(Nederlands, wiskunde, digitale en financiële competenties).  Deze zijn dermate essentieel dat ze door  iedereen afzonderlijk bereikt moeten worden op het einde van de 1ste graad in het secundair onderwijs.

 

Het specifieke 7de jaar BSO krijgt minimumdoelen die jongeren nog beter klaarstomen om te starten in het hoger onderwijs. Er wordt gefocust op de algemene vorming, met ook hier prioriteit voor Nederlands, andere talen, wiskunde en wetenschappen.

 

De Vlaamse volksvertegenwoordigers Koen Daniëls (N-VA), Loes Vandromme (CD&V) en Jean-Jacques De Gucht (Open VLD) dienen de nieuwe minimumdoelen voor de 1ste graad en het 7de leerjaar nu in bij het Vlaams Parlement, dat zich zo snel mogelijk zal buigen over het pakket. De onderwijsverstrekkers kunnen onder voorbehoud nu al hun voorlopige leerplannen bezorgen aan de scholen. Zo hebben directies, leerkrachten en educatieve uitgeverijen nog voor de paasvakantie de nodige houvast om volgend schooljaar voor te bereiden. De voorlopige leerplannen zijn een voorstel van de onderwijsverstrekkers aan de scholen: het is aan hen zelf om aan de slag te gaan met de nieuwe minimumdoelen. Zij bepalen hoe de leerlingen de minimumdoelen zullen halen – en bijvoorbeeld dus ook hoeveel lesuren er besteed zullen worden aan elk vak. De onderwijsverstrekkers hebben in de lessenroosters die zij voorstellen meer vrije ruimte voorzien, die de directies zelf kunnen invullen.

 

Vlaams volksvertegenwoordiger Koen Daniëls (N-VA):”Het is goed dat de minimumdoelen eerste graad nu beter aansluiten bij deze van de tweede en derde graad secundair en zo één geheel vormen.  De leerkrachten van de eerste graad zullen heel wat elementen herkennen uit de bestaande, oude eindtermen.  Het belang van Nederlands en wiskunde is voor de verdere schoolcarrière van de leerlingen een goede zaak.  Ook het op punt stellen van 7de jaar BSO dat voorbereidt op hoger onderwijs, geeft scholen nog ruimte om te contextualiseren en leerlingen een stevige basis te geven om met een goede basis te starten in het hoger onderwijs.”

 

Vlaams Volksvertegenwoordiger Loes Vandromme (CD&V):” “Voor de tweede en derde graad secundair onderwijs zorgde een verfrissende nieuwe aanpak al tot sobere en duidelijke minimumdoelen. Nu zetten we de afrondende stappen op weg naar een zelfde resultaat voor de twee stromen van de eerste graad.   Aan het Vlaams Parlement leggen we - in het format bekend van de tweede en derde graad - minimumdoelen voor die van hoge kwaliteit zijn en uitdagend. Voor leerlingen en schoolteams is het een absolute meerwaarde dat ze over alle graden heen een harmonieuze doorlopende lijn voltooien. In diezelfde harmonie passen ook de minimumdoelen van het 7de leerjaar dat bedoeld is voor leerlingen die na een arbeidsmarktgerichte studierichting willen verder studeren.  Scholen en schoolteams wensen we alle succes toe bij het ontwikkelen en toepassen van de leerplannen waarin deze geactualiseerde minimumdoelen tot hun volle kracht en betekenis zullen komen.”

 

Vlaams Volksvertegenwoordiger Jean-Jacques De Gucht (Open VLD): “"Blij dat alles nu beter op elkaar afgestemd is en dat we weer een stap verder zijn in het versterken van de onderwijskwaliteit in het secundair onderwijs.”

Nieuws

Bibliotheek en De Lovie vzw slaan de handen in elkaar op Erfgoeddag

Op Erfgoeddag, zondag 21 april, kan je dit jaar opnieuw het kasteelpark De Lovie bezoeken. Het thema is dit jaar ‘Samen uit, samen thuis’. Je geniet er van het lokale aanbod met de jaarlijkse Bloemendagen en kan gezellig rondkuieren in de historisch rijke omgeving. Een nieuwigheid dit jaar is een samenwerking met de bibliotheek voor extra activiteiten en een boekenverkoop.

Poperinge opent rouwregister voor Gwy Mandelinck

Gwy Mandelinck, bezieler van de Poëziezomers in Watou, is overleden op vrijdag 5 april. Het stadsbestuur opent een rouwregister in de kerk van Watou. Je kan er dagelijks terecht tussen 9 u. en 17.30 u .

Onderwijsinspectie moet te allen tijde onafhankelijk kunnen werken!

Lieven Viaene, topman van de onderwijsinspectie, gaat met pensioen. In een afscheidsinterview uit hij zijn bezorgdheid over de richting die de onderwijsminister de inspectie induwt. De inspectie werd de afgelopen jaren 'geremd in het benoemen wat er op het veld niet goed loopt,' zo stelde de man in De Ochtend op Radio 1.

Wat mij betreft, is het van primordiaal belang dat de inspectie onafhankelijk haar werk kan doen, zodat de overheid gevoed wordt door een objectief en breed beeld van hoe onze scholen, hoe onze lerarenteams werken. Vandaar dat het ook belangrijk is dat inspecteurs ervaring op het terrein, in de klas, hebben. Ongeoorloofde politieke druk kan nooit de bedoeling zijn. Als er gevraagd wordt dat de inspectie doet wat de democratie vraagt, dan rapport de inspectie beter aan het parlement dan aan de minister van Onderwijs.