Het aantal tijdelijke huisverboden (THV) in West‑Vlaanderen stijgt maar toch blijft onze provincie, ondanks die groei, ver achter op de rest van Vlaanderen. Dat blijkt uit nieuwe cijfers die Vlaams Parlementslid (cd&v) Loes Vandromme via haar collega Katrien Schryvers kon inkijken. Ook de Veilige Huizen, die een cruciale rol spelen in de aanpak van familiaal geweld, krijgen in West‑Vlaanderen aanzienlijk minder aanmeldingen dan vergelijkbare centra in andere provincies. “Dat moet ons toch zorgen baren,” zegt Vandromme. “Je woonplaats mag nooit bepalen welke bescherming je krijgt.” Het parlementslid pleit daarom voor een betere bekendmaking van de maatregelen en het hulpaanbod bij doorverwijzers als politie en parket.
Tijdelijk huisverbod
Een tijdelijk huisverbod is een beschermingsmaatregel die wordt opgelegd wanneer er sprake is van acuut intra familiaal geweld of een ernstig vermoeden daarvan. Het parket kan beslissen dat de vermoedelijke pleger onmiddellijk de woning moet verlaten, geen contact mag opnemen met partner of gezinsleden, en dit voor een periode van 14 dagen, die door de familierechter kan worden verlengd.
“Tijdens die periode onderzoekt een justitie assistent de gezinssituatie, brengt risico’s in kaart en bekijkt welke hulpverlening nodig is. De maatregel moet slachtoffers onmiddellijk beschermen en escalatie voorkomen,” licht Loes Vandromme verder toe.
In de praktijk worden de meeste tijdelijke huisverboden bovendien verlengd, omdat de risico’s na 14 dagen vaak nog niet zijn weggewerkt. In 2024 werd in West‑Vlaanderen zelfs 87,1 procent van de dossiers verlengd.
De West‑Vlaamse cijfers voor een tijdelijk huisverbod, tonen een gestage maar trage groei:
|
Jaar
|
Aantal tijdelijke huisverboden in West-Vlaanderen
|
|
2021
|
5
|
|
2022
|
16
|
|
2023
|
19
|
|
2024
|
26
|
|
2025
|
35
|
Als we de cijfers per justitiehuis bekijken, merken we dat vooral Brugge en Kortrijk de cijfers omhoogtrekken. In Ieper en Veurne blijft het aantal dossiers laag. In 2024 waren daar zelfs nog geen dossiers tijdelijk huisverbod.
|
|
2025
|
|
Justitiehuis Brugge
|
14 dossiers
|
|
Justitiehuis Kortrijk
|
15 dossiers
|
|
Justitiehuis Ieper
|
3 dossiers
|
|
Justitiehuis Veurne
|
3 dossiers
|
De kloof met andere provincies blijft ook groot. In 2025 registreerden de justitiehuizen in de provincie Antwerpen maar liefst 303 dossiers. Gevolgd door Limburg met 187 dossiers en Oost-Vlaanderen met 170 dossiers.
Aanmeldingen bij de Veilige Huizen: West‑Vlaanderen blijft ver onder Vlaams gemiddelde
De Veilige Huizen (de vroegere Family Justice Centers) bundelen expertise van welzijns- en justitiesectoren om gezinnen in situaties van familiaal geweld te ondersteunen. In West‑Vlaanderen zijn er twee Veilige Huizen: in Oostende en Kortrijk. Deze West‑Vlaamse Veilige Huizen gingen in september 2023 van start. Toch lag het aantal aanmeldingen van bij de start lager dan elders. In 2024 werden 125 dossiers behandeld. “Vorig jaar waren dat er 270: een flink pak meer maar toch blijven de West‑Vlaamse cijfers ver onder die van andere provincies,” concludeert Loes Vandromme.
Ter illustratie: in 2025 registreerde het Veilig Huis in Antwerpen 1.593 aanmeldingen. In Limburg waren dat 1.582 dossiers.
|
Jaar
|
Aantal aanmeldingen Veilige Huizen West-Vlaanderen
|
|
2023
|
35
|
|
2024
|
125
|
|
2025
|
270 (118 in Oostende, 152 in Kortrijk)
|
Een opvallende vaststelling is bovendien dat in West‑Vlaanderen zorg- en hulpverleningsinstanties (zoals CAW en OCMW) veel vaker aanmelden dan politie en justitie. In Oostende zijn er zelfs méér aanmeldingen via hulpverlening dan via politie en justitie. Nergens anders in Vlaanderen is dat het geval. Dat staat in schril contrast met de Vlaamse trend, waar politie en justitie net de grootste aanmelders zijn. “Ook deze vaststelling stemt tot nadenken,” vindt Vandromme.
Oproep
Volgens het parlementslid is er toch reden tot bezorgdheid. “Het is positief dat het aantal tijdelijke huisverboden opnieuw stijgt, maar West‑Vlaanderen blijft duidelijk achter. Dat betekent dat slachtoffers hier minder vaak toegang krijgen tot een maatregel die hen net in crisissituaties moet beschermen. Je woonplaats mag nooit bepalen welke bescherming of hulp je krijgt.”
Over de Veilige Huizen is ze even duidelijk: “Het is niet omdat er in onze regio minder aanmeldingen zijn, dat de problematiek van familiaal geweld zich zoveel minder zou stellen. Het lijkt vooral een kwestie van informatiedeling, overleg en bekendmaking. Hoe meer hulpverleners en begeleiders op de hoogte zijn van deze dienstverlening, hoe sneller expertise kan worden ingeschakeld. Zo vermijden we escalatie en werken we sneller naar herstel.”